
Bevallen
Iedere bevalling is uniek. Of je nu voor het eerst bevalt of al eerder kinderen hebt gekregen, geen bevalling verloopt precies hetzelfde. Op deze pagina vind je informatie over wat je kunt verwachten en welke mogelijkheden er zijn rondom de geboorte van jouw kindje.
Goed voorbereid bevallen
Heb je spoed?
Bij dringende vragen of als de bevalling is begonnen, kun je rechtstreeks bellen met de verloskamers: 24 uur per dag bereikbaar via 0543 - 54 41 85.
Kom je naar het ziekenhuis? Bel dan altijd vooraf. Zo kunnen onze collega's zich voorbereiden op je komst.
Geen spoed?
Heb je een vraag die niet dringend is? Neem dan op werkdagen tussen 08.00 en 16.30 uur contact op met de polikliniek Verloskunde (route 4.7) via 0543 - 54 46 50.
Neem contact met ons op als:
je ongerust bent of vragen hebt;
je denkt dat de bevalling is begonnen;
je voor het eerst bevalt en de weeën een uur lang elke vijf minuten of vaker komen;
je al eerder bent bevallen en de weeën een uur lang elke vijf tot tien minuten komen;
je vaginaal bloedverlies hebt;
je last hebt van hoofdpijn, sterretjes zien, misselijkheid of braken, pijn in de bovenbuik of bovenrug;
je baby minder beweegt dan je gewend bent;
je minder dan 37 weken zwanger bent en buik- of rugpijn hebt die komt en gaat;
je denkt dat je vruchtwater hebt verloren
Omdat je nooit precies weet wanneer de bevalling begint, is het prettig om alvast een aantal zaken voor te bereiden. Zo hoef je op het moment dat de bevalling zich aandient niet meer na te denken over wat je mee moet nemen en kun je je richten op wat echt belangrijk is.
Tip: zet je bevaltas uiterlijk rond 37 weken zwangerschap klaar.
Je partner
Ook aan je partner is gedacht tijdens het verblijf in het ziekenhuis. Op de dag van de bevalling zijn lunch en een warme maaltijd inbegrepen. Tijdens de dagen daarna kan je partner tegen een kleine vergoeding maaltijden bestellen of zelf iets van huis meenemen.
Blijft je partner overnachten? Dan is het ontbijt inbegrepen. Op de kamer is een koelkast aanwezig en op de afdeling kan gebruik worden gemaakt van een magnetron. Zo proberen we het verblijf voor jullie beiden zo comfortabel mogelijk te maken.
Vanaf de hoofdingang volg je route 6.1 naar de verloskamers. In de avond en nacht zijn de verloskamers bereikbaar via de ingang van de Spoedeisende Hulp/Huisartsenpost.
Benieuwd waar je straks terechtkomt? Bekijk onze kraamafdeling en verloskamers in de virtuele tour. Zo raak je alvast vertrouwd met de omgeving.
Inpaklijst voor je bevalling
De bevalling
Een bevalling verloopt bij iedere vrouw anders. Ook de manier waarop je de bevalling ervaart, verschilt per persoon. Toch zijn er bij elke bevalling verschillende fases te onderscheiden.
1. Weeën
Weeën zijn pijnlijke samentrekkingen van de baarmoeder die ervoor zorgen dat de baarmoedermond zich opent, zodat de baby geboren kan worden. Als weeën vóór 37 weken zwangerschap optreden, spreken we van vroegtijdige weeën.
Tijdens de zwangerschap trekt de baarmoeder regelmatig samen. Deze samentrekkingen gaan langzaam over in voorweeën, die ongeveer 30 tot 40 seconden duren. Komen de weeën gedurende een uur elke vijf minuten, neem dan contact op met het ziekenhuis. Dit kan het begin van de bevalling zijn.
2. Het breken van de vliezen
Na het breken van de vliezen komt de bevalling meestal binnen 24 uur op gang. De hoeveelheid vruchtwater die je verliest, verschilt per situatie. Vruchtwater hoort helder of kleurloos te zijn. Soms heeft het een groene of bruine kleur. Dit betekent dat de baby in de baarmoeder heeft gepoept. In dat geval houden we je kindje extra goed in de gaten.
3. Ontsluiting
De ontsluitingsfase wordt ook wel de actieve fase genoemd. Ontsluitingsweeën zorgen ervoor dat de baarmoedermond zich opent. Bij volledige ontsluiting, namelijk 10 centimeter, zijn persweeën nodig om de baby geboren te laten worden.
Wanneer de baarmoederhals verweekt en verstreken is, er ontsluiting aanwezig is en je regelmatige weeën hebt, is de bevalling begonnen. Hoelang de ontsluiting duurt, verschilt per vrouw. Soms begint de ontsluiting al zonder dat je dit merkt. Bij een eerste kindje duurt de ontsluitingsfase vaak langer dan bij een volgende bevalling.
4. Uitdrijvingsfase
Wanneer het hoofdje goed is ingedaald, de vliezen zijn gebroken en je persdrang voelt, begint de uitdrijvingsfase. Soms is het nodig om nog even te wachten met persen, ook als er sprake is van volledige ontsluiting. Je baby is dan nog niet ver genoeg ingedaald.
Bij een eerste kindje duurt de uitdrijvingsfase gemiddeld een half uur tot anderhalf uur. Bij een tweede of derde kindje verloopt deze fase vaak sneller.
5. De komst van je baby
Tijdens het persen is het belangrijk om goed te luisteren naar de aanwijzingen van de verloskundige of arts. Zij begeleidt je bij het afwisselend persen en puffen om de kans op inscheuren zo klein mogelijk te maken.
Na verloop van tijd wordt het hoofdje zichtbaar en wordt je baby geboren. Als alles goed gaat, wordt je baby direct afgedroogd en bij je op de borst gelegd.
6. Nageboorte
Na de geboorte van je baby moet ook de placenta, ook wel moederkoek genoemd, geboren worden.
7. Zorg na de bevalling
Vooral bij een eerste bevalling kan het voorkomen dat de vagina, schaamlippen of het weefsel tussen de vagina en anus inscheurt. Soms wordt een knip gezet om de bevalling te bespoedigen of om ernstig inscheuren te voorkomen. Na de bevalling bekijken we of je gehecht moet worden en krijg je de zorg die daarbij nodig is.
Iedere bevalling is anders. Daarom bieden we verschillende mogelijkheden om je tijdens de bevalling te ondersteunen bij ontspanning en pijnverlichting. Samen kijken we naar wat bij jou past, zodat je zo comfortabel mogelijk kunt bevallen. Daarbij staan jouw wensen, en de gezondheid van jou en je baby, altijd centraal.
Soms komt een bevalling niet vanzelf op gang. In dat geval kan het nodig zijn om de bevalling kunstmatig op gang te brengen. Dit noemen we een inleiding van de bevalling. Daar kunnen verschillende redenen voor zijn.
In de video's van de Gyneacoloog.nl wordt stap voor stap uitgelegd hoe een inleiding verloopt en wat je kunt verwachten. De video's zijn ook beschikbaar in verschillende talen.
Extra zorg rond de bevalling
Soms verloopt een zwangerschap of bevalling anders dan verwacht. Bijvoorbeeld wanneer je baby in stuitligging ligt, je bevalt van een tweeling of een keizersnede nodig is. In deze situaties bieden we extra zorg en begeleiding. Hier lees je wat je kunt verwachten.
Soms ligt een baby aan het einde van de zwangerschap met de billen of voetjes naar beneden in plaats van met het hoofdje. Dit noemen we een stuitligging. We informeren je graag over de mogelijkheden en begeleiden je bij het maken van een passende keuze.

Bevallen van een tweeling is een bijzondere ervaring. Omdat een tweelingbevalling net iets anders verloopt dan een bevalling van één kindje, begeleiden we je tijdens de geboorte stap voor stap. Lees meer over wat je kunt verwachten.
Kom je naar het ziekenhuis? Bel dan altijd vooraf. Zo kunnen onze collega's zich voorbereiden op je komst.