Ruggenprik
Bij sommige operaties krijgt u een ruggenprik. Hiermee wordt het onderlichaam tijdelijk verdoofd, zodat u geen pijn voelt tijdens de operatie. Soms blijft er een dun slangetje achter om ook na de operatie pijnstilling te geven.
Meer over de ruggenprik
Tijdens het plaatsen van de ruggenprik zit u voorovergebogen. U merkt vaak dat uw benen warm worden, gaan tintelen en daarna gevoelloos worden. Tijdens de operatie blijft de anesthesioloog of anesthesiemedewerker bij u. U blijft meestal wakker, maar kunt zo nodig een rustgevend middel krijgen.
Een ruggenprik is een veilige vorm van verdoving. Soms kunnen er tijdelijk bijwerkingen optreden, zoals een lage bloeddruk, moeite met plassen, tinteling in armen of handen, rugpijn op de plaats van de prik en hoofdpijn na de behandeling. Deze klachten verdwijnen meestal vanzelf. Heeft u na de operatie veel last van hoofdpijn of andere klachten? Neem dan contact op met uw behandelend arts.