Pijnbehandeling
Een goede voorbereiding helpt om de pijnbehandeling zo veilig en zorgvuldig mogelijk te laten verlopen.
Meer over pijnbehandeling
Heeft u koorts? Neem dan vooraf contact op met uw arts.
Bent u zwanger of denkt u dat u zwanger bent? Meld dit aan uw arts of verpleegkundige.
Gebruik vier uur vóór een proefbehandeling een pijnstillers, zodat u goed kunt aangeven waar en hoeveel pijn u heeft.
Gebruikt u bloedverdunners? Geef dit altijd door aan uw arts. U krijgt dan uitleg of u tijdelijk moet stoppen.
Voor sommige behandelingen moet u nuchter zijn. Uw arts vertelt u vooraf wat u wel en niet mag eten of drinken.
Neem iemand mee naar uw afspraak. Na een pijnbehandeling kunnen kracht en gevoel in een arm of been tijdelijk verminderd zijn. Zelf autorijden, fietsen of lopen kan daardoor moeilijk en zelfs gevaarlijk zijn.
De behandeling vindt plaats in een speciaal ingerichte behandelkamer. Vanaf de dagbehandeling wordt u naar deze ruimte gebracht.
Meestal voert de anesthesioloog die u op het spreekuur heeft gezien, ook de behandeling uit. Voor de behandeling krijgt u een plaatselijke verdoving. Soms wordt gebruikgemaakt van röntgenapparatuur om de juiste plek te bepalen.
Afhankelijk van de behandeling kan een zenuw tijdelijk worden gestimuleerd om precies vast te stellen waar de pijn vandaan komt.
Na afloop bespreekt de arts met u wat u kunt verwachten. U krijgt ook informatie mee naar huis. Het doel van de behandeling is om uw pijn te verminderen. Helaas leidt een behandeling niet altijd tot het gewenste resultaat. Samen kijken we dan welke andere mogelijkheden er zijn.
Na de behandeling kunt u tijdelijk nog pijn hebben of zelfs wat meer pijn voelen. Dit komt vooral voor na behandelingen van grotere zenuwen. Deze klachten verdwijnen meestal vanzelf.
Na de behandeling krijgt u een vervolgafspraak. Dit kan een afspraak zijn bij de polikliniek of een telefonische afspraak. Tijdens deze afspraak bespreken we hoe het met u gaat en wat het effect van de behandeling is geweest.
