Infectieuze artritis
Als bacteriën een gewricht binnendringen (infecteren), dan kan er infectieuze artritis ontstaan. Dit wordt ook wel ‘septische artritis’ genoemd. Vaak gaat het om huidbacteriën of de bacterie die de ziekte van Lyme veroorzaakt.
Meer over Infectieuze artritis
In 95% van de gevallen komt de bacterie via het bloed in het gewricht terecht. Bijvoorbeeld door een huidinfectie of een urineweginfectie. Soms komt een bacterie direct in het gewricht terecht via een diepe wond of heel zelden na een injectie. Mensen met een verminderde weerstand en/of beschadigde gewrichten, zoals bij reuma, hebben meer kans op infectieuze artritis.
Mensen met infectieuze artritis hebben vaak de volgende klachten:
een ontstoken gewricht (of meerdere);
ziekteverschijnselen zoals koorts of koude rillingen;
vaak is het ontstoken gewricht dik, rood, pijnlijk en niet goed te gebruiken.
Soms heeft iemand bijna geen klachten.
De reumatoloog, orthopedisch chirurg of de internist stelt de diagnose infectieuze artritis. De arts luistert eerst naar uw klachten en doet lichamelijk onderzoek. Daarna wordt er via een punctie gewrichtsvocht uit het ontstoken gewricht gehaald. Dit gaat naar het laboratorium voor verder onderzoek op bacteriën. U krijgt ook een bloedonderzoek om te onderzoeken of er bacteriën in het bloed aanwezig zijn.
De behandeling van infectieuze artritis bestaat uit een antibioticakuur. Eerst in het ziekenhuis via een infuus en daarna thuis met tabletten. Daarnaast wordt het besmette gewrichtsvocht uit het gewricht gehaald door middel van puncties of door een kijkoperatie. De arts kan ook pijnstillers voorschrijven tegen de pijn. Meestal reageert het lichaam snel op de behandeling met antibiotica en zijn de klachten binnen een paar weken helemaal verdwenen.